“Als ik volledig hersteld ben, dan mag ik mezelf verwennen met een tattoo!”
Deze voorwaardelijke beloning heeft mij enorm gemotiveerd tijdens intense periodes van totale duisternis. Vastberaden hield ik deze “als-dan” mantra voor ogen. Het klinkt zo simpel: als ik mijn best doe, dan verdien ik iets!
Zo bleef ik, net als een ezel, gedisciplineerd achter mijn wortel slenteren. Maar in dit tafereel boeken noch ik, noch de ezel enige vooruitgang. We sloffen rond op onze automatische piloot zonder succeservaringen of een gevoel van overwinning. Op die manier maken zelfs de meest riante beloningen, de mooiste mantra’s en de knapperigste wortels deel uit van een nog grotere valkuil.
Een eetstoornis dwingt je namelijk essentiële zaken te ontzeggen. Naast eten werden ook zelfzorg en zelfliefde concepten waaraan ik niet langer aandacht durfde te schenken. Hoe zou ik mezelf dus in godsnaam kunnen belonen voor iets dat ik diep vanbinnen verafschuwde?
Herstellen is immers jezelf verwennen, omdat je wéét dat je de moeite waard bent.
Waarom zou ik dan wachten om mezelf in de watten te leggen, als het net die compassie is waar herstel in wezen om draait?
“Als ik genezen ben, dan mag ik mezelf belonen”, werd dus: “Als ik écht wil genezen, dan moet ik mezelf graag leren zien.”
Dit kan je leren door jezelf een complimentje te geven, een warme douche te nemen, jezelf in het nieuw te steken, … Of door een tattoo te laten zetten! Mijn lieveheersbeestje symboliseert dus niet de langverwachte finishlijn van herstel, maar juist het hartverwarmende proces van mezelf graag leren zien.
Liefs Elisabeth