Je lichaam heeft energie nodig om te kunnen leven én bewegen
Ons lichaam gebruikt voortdurend energie. Niet alleen om te sporten of te bewegen, maar ook om te ademen, je hart te laten kloppen, je lichaamstemperatuur op peil te houden, hormonen aan te maken, botten op te bouwen, spieren te herstellen, infecties te bestrijden en helder te kunnen nadenken.
Wanneer je via voeding minder energie opneemt dan je lichaam nodig heeft, kan er een tekort ontstaan. Dat tekort is niet altijd zichtbaar aan de buitenkant, maar het lichaam voelt het wel.
Bij sporters kan zo’n langdurig energietekort leiden tot RED-S: Relative Energy Deficiency in Sport of relatieve energiedeficiëntie bij sporters.
1. Wat is RED-S?
RED-S is een aandoening die ontstaat wanneer het lichaam gedurende langere tijd te weinig energie beschikbaar heeft om alle lichaamsfuncties optimaal te laten verlopen.
De oorzaak hiervan noemen we lage energiebeschikbaarheid (Low Energy Availability of LEA).
Dat betekent dat er, nadat de energie voor sport en beweging is gebruikt, te weinig energie overblijft voor het lichaam zelf.
Het gaat dus niet alleen over hoeveel iemand eet of hoeveel iemand sport, maar vooral over de balans tussen beide.
Iemand kan bijvoorbeeld dagelijks voldoende lijken te eten, maar door een intensieve trainingsbelasting toch onvoldoende energie beschikbaar hebben. Omgekeerd kan ook iemand die minder sport een lage energiebeschikbaarheid ontwikkelen wanneer de energie-inname te laag is.
Wanneer dit langere tijd aanhoudt, begint het lichaam energie te besparen. Minder dringende processen worden tijdelijk op een lager pitje gezet om de meest noodzakelijke functies in stand te houden.
RED-S is dus het gevolg van langdurige lage energiebeschikbaarheid (LEA).
2. Wanneer spreken we van RED-S?
Niet iedereen met een tijdelijke lage energiebeschikbaarheid ontwikkelt onmiddellijk RED-S.
RED-S ontstaat wanneer het energietekort lang genoeg aanhoudt om de normale werking van het lichaam te verstoren. Dat kan gevolgen hebben voor verschillende organen en lichaamsfuncties.
Er bestaat geen eenvoudige bloedtest of één cijfer waarmee RED-S kan worden vastgesteld. De diagnose wordt gesteld op basis van het volledige verhaal:
- de verhouding tussen energie-inname en energieverbruik;
- de trainingsbelasting;
- lichamelijke klachten;
- hormonale veranderingen;
- blessures;
- herstel;
- prestaties;
- medische onderzoeken.
Gewicht zegt weinig
Een van de grootste misverstanden is dat RED-S alleen voorkomt bij mensen met ondergewicht.
Dat klopt niet.
Ook mensen met een gezond of hoger lichaamsgewicht kunnen gedurende langere tijd een lage energiebeschikbaarheid hebben.
Zelfs een stabiel gewicht sluit RED-S niet uit. Het lichaam kan zich namelijk aanpassen door het energieverbruik te verminderen en bepaalde lichaamsfuncties af te remmen.
Daarom kijken zorgverleners niet alleen naar de weegschaal, maar naar het volledige plaatje.
3. Hoe ontstaat RED-S?
RED-S kan op verschillende manieren ontstaan.
Bij sommige mensen is er sprake van bewuste voedselbeperking, bijvoorbeeld om gewicht te verliezen of prestaties te verbeteren.
Bij anderen gebeurt het onbewust.
Ze trainen meer zonder hun voeding aan te passen, slaan maaltijden over door een drukke agenda of onderschatten hoeveel energie hun lichaam nodig heeft.
Ook ziekte, stress, een verminderde eetlust of maag-darmklachten kunnen bijdragen aan een langdurig energietekort.
Bij mensen met een eetstoornis komt RED-S vaker voor, maar je hoeft geen eetstoornis te hebben om RED-S te ontwikkelen.
4. Waarom wordt RED-S zo vaak gemist?
RED-S blijft vaak lange tijd onopgemerkt. Dat heeft verschillende redenen.
We leven in een cultuur waarin slankheid wordt beloond.
Sporters krijgen vaak complimenten wanneer ze afvallen of “droger” staan.
Veel sporten leggen bovendien sterk de nadruk op een laag lichaamsgewicht of een gespierd uiterlijk.
Daardoor worden signalen van een energietekort soms zelfs gezien als bewijs van discipline of succes.
Gezond lijken betekent niet gezond zijn.
Iemand kan er fit uitzien, goed presteren en toch een ernstig energietekort hebben.
Veel klachten worden genormaliseerd.
Sporters horen vaak dat vermoeidheid, steeds koud hebben, een uitblijvende menstruatie of terugkerende blessures “er nu eenmaal bij horen”.
Dat is niet zo.
Het zijn signalen dat het lichaam mogelijk onvoldoende energie beschikbaar heeft.
Er wordt nog te vaak alleen naar gewicht gekeken.
Daardoor wordt RED-S gemist bij mensen met een normaal of hoger gewicht.
Feit of fabel?
Je moet ondergewicht hebben om RED-S te krijgen.Fabel
Feit:
RED-S gaat niet over je gewicht, maar over de hoeveelheid energie die beschikbaar blijft voor je lichaam.
Ook iemand met een gezond of hoger lichaamsgewicht kan een langdurige lage energiebeschikbaarheid (LEA) hebben en RED-S ontwikkelen.
Feit of fabel?
Als ik goed presteer, is er niets aan de hand.Fabel
Feit: Veel sporters blijven lange tijd goed presteren, ondanks een energietekort. Het lichaam probeert de prestaties zo lang mogelijk in stand te houden door energie weg te halen bij andere functies, zoals hormoonproductie, botopbouw of het immuunsysteem. Goede prestaties betekenen dus niet automatisch dat je lichaam gezond functioneert.
Feit of fabel?
RED-S komt niet alleen voor bij topsportersFeit
Feit:
Iedereen die regelmatig sport of intensief beweegt, kan RED-S ontwikkelen.
Ook recreatieve sporters, dansers, fitnessers, lopers, wielrenners of jongeren die veel trainen lopen risico wanneer hun energie-inname onvoldoende is.
Feit of fabel?
Een uitblijvende menstruatie hoort erbij als je veel sport.Fabel
Feit: Nee. Een uitblijvende of onregelmatige menstruatie is een belangrijk waarschuwingssignaal. Het betekent dat het lichaam energie bespaart door de voortplantingsfunctie tijdelijk af te remmen. Dat is geen teken dat je “fit” bent, maar een signaal dat je lichaam onvoldoende energie beschikbaar heeft.
Feit of fabel?
RED-S treft mannen en vrouwen.Feit
Feit:
RED-S komt voor bij zowel vrouwen als mannen.
Bij vrouwen vallen hormonale veranderingen, zoals menstruatiestoornissen, vaak sneller op. Bij mannen zijn de signalen soms minder zichtbaar, waardoor RED-S later wordt herkend.
Feit of fabel?
Je moet extreem weinig eten om RED-S te krijgen.Fabel
Feit:
Niet noodzakelijk.
RED-S ontstaat wanneer de energie-inname onvoldoende is in verhouding tot het totale energieverbruik.
Iemand kan ogenschijnlijk voldoende eten, maar door een hoge trainingsbelasting toch een lage energiebeschikbaarheid ontwikkelen.
5. Welke signalen kunnen wijzen op RED-S?
Iedereen ervaart RED-S anders.
Mogelijke signalen zijn onder andere:
- vermoeidheid;
- minder herstel na trainingen;
- dalende sportprestaties;
- verlies van spierkracht;
- terugkerende blessures;
- stressfracturen;
- menstruatiestoornissen;
- verminderd libido;
- concentratieproblemen;
- prikkelbaarheid;
- somberheid;
- vaak ziek zijn;
- het voortdurend koud hebben;
- slaapproblemen;
- obsessief bezig zijn met voeding of bewegen.
Niet iedereen heeft alle klachten.
Juist daarom wordt RED-S soms laat herkend.
6. Welke gevolgen heeft RED-S?
Omdat vrijwel elk orgaan energie nodig heeft, kan RED-S veel verschillende gevolgen hebben.
Zo kan het invloed hebben op:
- de hormoonhuishouding;
- de botgezondheid;
- spieropbouw en spierherstel;
- het hart- en vaatstelsel;
- de stofwisseling;
- het immuunsysteem;
- de vruchtbaarheid;
- stemming en concentratie;
- sportprestaties.
Wanneer RED-S langdurig blijft bestaan, neemt ook het risico op botontkalking, stressfracturen en langdurige gezondheidsproblemen toe.
7. Wat is nodig om te herstellen?
Herstel begint met het opnieuw beschikbaar maken van voldoende energie voor het lichaam.
Dat betekent meestal:
- voldoende en regelmatig eten;
- de energie-inname afstemmen op de trainingsbelasting;
- voldoende koolhydraten, vetten en eiwitten opnemen;
- voldoende rust voorzien;
- de trainingsbelasting tijdelijk verminderen wanneer dat nodig is.
Voor veel mensen is dit gemakkelijker gezegd dan gedaan.
Wanneer er sprake is van een eetstoornis, angst om aan te komen of een sterke prestatiedrang, is professionele begeleiding vaak noodzakelijk.
Via onze collega’s van Eetexpert kan je hulp vinden bij mensen die ervaring hebben met RED-S.
Herstel vraagt tijd.
Het lichaam moet opnieuw vertrouwen krijgen dat er voldoende energie beschikbaar is.
Sommige veranderingen herstellen snel, terwijl bijvoorbeeld de botgezondheid maanden tot jaren nodig kan hebben.
8. RED-S en eetstoornissen
Een eetstoornis is een belangrijke risicofactor voor RED-S, maar beide begrippen betekenen niet hetzelfde.
Niet iedereen met RED-S heeft een eetstoornis.
En niet iedereen met een eetstoornis ontwikkelt RED-S.
Toch komen beide aandoeningen vaak samen voor.
Wanneer een eetstoornis meespeelt, is het belangrijk om niet alleen het energietekort aan te pakken, maar ook de psychologische factoren die het eetgedrag beïnvloeden.
9. Wat kunnen naasten doen?
RED-S is vaak moeilijk te herkennen.
Sommige mensen beseffen zelf niet dat hun klachten met een energietekort te maken hebben.
Naasten merken soms eerder veranderingen op.
Bijvoorbeeld wanneer iemand:
- voortdurend moe is;
- steeds meer traint;
- maaltijden overslaat;
- steeds strenger wordt voor zichzelf;
- vaker geblesseerd raakt;
- prikkelbaarder wordt;
- zijn of haar sociale leven steeds meer aanpast aan sport of voeding.
Probeer je bezorgdheid uit te spreken zonder te oordelen.
- Zeg bijvoorbeeld letterlijk: “Ik maak me zorgen om hoe het met je gaat, want ik merk de laatste tijd een aantal dingen op.”
- Benoem wat je opmerkt.
- Vraag of de ander dit herkent en of die wil vertellen over wat er aan de hand is.
Luister naar het verhaal achter de klachten en moedig iemand aan om professionele hulp te zoeken wanneer dat nodig is.
10. Wanneer zoek je hulp?
Blijf niet wachten tot de klachten ernstig worden.
Hoe vroeger een lage energiebeschikbaarheid wordt herkend, hoe groter de kans op volledig herstel.
Bespreek je klachten met een arts wanneer je vermoedt dat je RED-S hebt of wanneer je meerdere signalen herkent.
Afhankelijk van je situatie kan begeleiding door een sportarts, huisarts, diëtist, kinesitherapeut, psycholoog of een gespecialiseerd team aangewezen zijn.
Wanneer er ook sprake is van een eetstoornis, is het belangrijk dat beide problemen samen worden behandeld.
Meer weten?
- Check deze informatie
- Eetexpert ontwikkelde een toolbox ‘eetproblemen in de sport‘