Wat is ARFID?

ARFID staat voor Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder, oftewel een vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis. Het is een relatief nieuwe diagnose die vooral de laatste jaren meer aandacht heeft gekregen. Nochtans was deze problematiek ook vroeger al gekend bij specialisten, vooral bij kinderen met autisme.

ARFID gaat verder dan kieskeurig eetgedrag en kan een grote impact hebben op iemands lichamelijke en mentale gezondheid. Mensen met ARFID eten vaak heel selectief, vermijden bepaalde voedingsmiddelen of beperken hun voedselinname sterk. Dit kan leiden tot ondervoeding, gewichtsverlies of een tekort aan belangrijke voedingsstoffen.

ARFID verschilt echter van andere eetstoornissen zoals anorexia, boulimia of eetbuistoornis, omdat er geen angst is om aan te komen en het ook niet om een verstoord lichaamsbeeld gaat. De focus ligt meer op de voedselinname zelf, zoals textuur, geur, smaak of angst voor negatieve lichamelijke reacties op eten (bijvoorbeeld kokhalzen of braken).

Hoe ontstaat ARFID?

De oorzaken van ARFID zijn divers en kunnen per persoon verschillen. Enkele factoren die bijdragen aan het ontwikkelen van ARFID zijn:

  1. Sensorische gevoeligheid: Sommige mensen zijn extreem gevoelig voor texturen, smaken, temperaturen, visuele prikkers of geuren. Dit kan leiden tot het vermijden van voedsel dat zij als onaangenaam ervaren.
  2. Negatieve eetervaringen: Een traumatische ervaring, zoals verslikken, kokhalzen of een voedselvergiftiging, kan ertoe leiden dat iemand bepaalde voedingsmiddelen of eten in het algemeen begint te vermijden.
  3. Medische of psychologische problemen: Mensen met ARFID kunnen een voorgeschiedenis hebben van angststoornissen, autisme, ADHD of andere medische problemen die het eten bemoeilijken.
  4. Ontwikkeling en omgevingsfactoren: ARFID kan ook ontstaan door een combinatie van biologische, sociale en psychologische factoren. Een gebrek aan variatie in voeding tijdens de vroege jeugd kan bijvoorbeeld bijdragen aan selectief eetgedrag op latere leeftijd.

Welke soorten ARFID bestaan er?

ARFID kan zich op verschillende manieren manifesteren. De meest voorkomende subtypes zijn:

  1. Sensorisch gebaseerde ARFID: Hierbij vermijdt iemand voedsel vanwege de textuur, geur, kleur of smaak. Dit komt vaak voor bij mensen met een verhoogde sensorische gevoeligheid.
  2. Angst-gebaseerde ARFID: Mensen vermijden voedsel uit angst voor negatieve gevolgen, zoals verslikken, braken of een allergische reactie. Dit type kan ontstaan na een traumatische ervaring.
  3. Gebrek aan interesse in eten: Sommige mensen hebben simpelweg weinig interesse in voedsel en eten (ze voelen vb. geen hongerprikkels of vinden eten niet aantrekkelijk), waardoor ze onvoldoende voedingsstoffen binnenkrijgen.

Deze subtypes kunnen overlappen, en de manier waarop ARFID zich uit, verschilt sterk per individu.

Welke hulp bestaat er voor ARFID?

Het behandelen van ARFID vereist een multidisciplinaire aanpak. Hieronder enkele belangrijke pijlers in de behandeling:

  1. Psychologische begeleiding: Een psycholoog of therapeut kan helpen om angst of negatieve associaties rondom eten te verminderen. Cognitieve gedragstherapie (CBT) en exposuretherapie worden vaak ingezet.
  2. Voedingsbegeleiding: Een diëtist kan ondersteuning bieden bij het introduceren van nieuwe voedingsmiddelen en het opstellen van een uitgebalanceerd voedingsplan.
  3. Medische ondersteuning: In sommige gevallen is medische hulp nodig om ondervoeding of lichamelijke klachten te behandelen. Dit kan inhouden dat supplementen worden voorgeschreven of dat er tijdelijk kunstmatige voeding wordt toegediend. Vaak gebeurt dit in overleg met een kinderarts (pediater) of een pediatrische afdeling in een ziekenhuis.
  4. Ouder- en gezinsbegeleiding: Voor kinderen met ARFID is het belangrijk dat ouders en andere gezinsleden worden betrokken bij de behandeling. Zij spelen een cruciale rol in het aanmoedigen van gezonde eetgewoonten en het aangeven hoe de problematiek is geëvolueerd, wat helpend kan zijn of juist niet.

Waar vind ik hulp?

Voor mensen met ARFID en hun naasten is het belangrijk om professionele hulp te zoeken. In Vlaanderen biedt Eetexpert.be uitgebreide informatie en ondersteuning. Zij beschikken over een database met hulpverleners die ervaring hebben met eetstoornissen zoals ARFID. Deze experts kunnen je op weg helpen naar de juiste zorg.

Heb je vragen of wil je meer weten over ARFID?
Zoek je steun en hulp bij ARFID? Neem dan zeker contact op met deze groep (ARFID te lijf).

Waar velen anorexia of boulimia kennen, is ARFID (avoidant/restrictive food intake disorder) nog grotendeels onbekend. Deze voedingsstoornis werd pas in 2013 als een aparte categorie opgenomen bij de voedings- en eetstoornissen in het diagnostisch handboek DSM-5.

Het gebrek aan bekendheid zorgt voor misverstanden: mensen worden vaak weggezet als ‘moeilijke eters’, terwijl het gaat om een stoornis die een grote impact heeft op het dagelijks leven.

Loranne Van Put leeft al sinds haar kindertijd met selectief eetgedrag. Pas recent ontdekte zij dat haar ervaringen overeenkomen met de kenmerken van ARFID. Die persoonlijke confrontatie vormt het vertrekpunt van de documentaire: Leven in het onbekende.

Na 22 jaar in onwetendheid gaat ze op pad, op haar eigen ontdekkingsreis. Ze gaat in gesprek met een diëtist, psycholoog en lotgenoot om samen het verhaal van ARFID zichtbaar te maken.

“Want wij zijn geen moeilijke eters uit keuze: we leven met een stoornis die aandacht en begrip verdient.”